Hartstichting ondersteunt TU/e-onderzoeken naar hartfalen en hartschade

- EN- NL
Digitale twin model voorspelt de beste behandeling om de energiebalans bij patië
Digitale twin model voorspelt de beste behandeling om de energiebalans bij patiënten met hartfalen te herstellen. Visual: Natal van Riel

TU/e-onderzoekers Natal van Riel en Carlijn Bouten dragen bij aan nieuwe behandelingen voor hartziekten.

Een persoonlijke behandeling voor patiënten met hartfalen en het herstellen van hartschade na een hartinfarct. Dat zijn twee van de zeven onderzoeksprogramma’s waarvoor de Hartstichting, via een open call, geld beschikbaar stelt. TU/e-onderzoekers Natal van Riel en Carlijn Bouten, beiden verbonden aan de faculteit Biomedical Engineering, zijn betrokken bij deze onderzoeksprogramma’s.

In het onderzoeksproject Energetic Digital Heart Twin ontwikkelen onderzoekers van Amsterdam UMC (AUMC), Universiteit Maastricht, Maastricht UMC, Erasmus MC en TU/e een computermodel dat de energieproductie en -behoefte van het hart nabootst.

De informatie uit dit model helpt bij het behandelen van hartfalen. Uit recent onderzoek blijkt deze ziekte te ontstaan als de energie die het hart nodig heeft niet gelijk is aan de energie die het hart ontvangt. Er zijn verschillende medicijnen beschikbaar die zo’n verstoorde energiebalans kunnen herstellen, maar artsen kunnen nog niet goed voorspellen welke het beste werkt voor een individuele patiënt.

Juiste gegevens combineren

Natal van Riel , Professor Biomedical Systems Biology, legt uit hoe het computermodel (digital heart twin) daarbij kan helpen: "We combineren biologische gegevens van patiënten met gegevens over de mechanische eigenschappen en de spierfunctie van het hart, evenals het energieverbruik. Met deze gecombineerde informatie kunnen we voorspellen hoe een specifieke patiënt reageert op verschillende behandelingen, zoals medicijnen die de stofwisseling beïnvloeden, middelen die de hartkracht veranderen en voedingsadviezen. Zo kan elke patiënt de juiste medicijnen krijgen." Van Riel verwacht dat dit binnen tien jaar zal leiden tot een betere, tijdige en persoonlijke behandeling.

Betrokkenheid

Het project zal in het voorjaar van 2026 van start gaan en vijf jaar duren. De Hartstichting heeft 1,5 miljoen beschikbaar gesteld voor het onderzoek, waarvan ruim € 400.000 voor de TU/e. Naast Van Riel is Shauna O’Donovan namens de TU/e betrokken. Professor Jolanda van der Velden (Amsterdam UMC) is de hoofdaanvrager van het onderzoeksproject.

Hartschade herstellen

FIXIT, Small molecules and MicroRNAs to FIX ischemic Heart Disease, is het andere onderzoeksproject waar de TU/e bij betrokken is. Het richt zich op de ontwikkeling van een therapie die het hart stimuleert om zichzelf te herstellen. Het doel: verloren hartspierweefsel terugbrengen en zo hartfalen helpen voorkomen.

De therapie wordt stap voor stap ontwikkeld en getest. Carlijn Bouten , Professor Cell-Matrix Interactions in Cardiovascular Regeneration, legt uit waar de TU/e aan bijdraagt binnen dit interdisciplinaire onderzoeksproject. "We testen 3D-modellen van menselijk hartweefsel, waarin littekenvorming wordt nagebootst. Vervolgens onderzoeken we of het hart hiermee echt beter herstelt en weer sterker gaat pompen. Als de resultaten positief zijn, zetten we de stap naar realistisch menselijk hartweefsel in vitro en een geavanceerd hartmodel dat sterk overeenkomt met het echte menselijke hart." Als FIXIT succesvol is, kan dit de eerste therapie worden die hartschade echt herstelt in plaats van alleen klachten te verminderen.

Volgens Bouten sluit het project "naadloos aan op lopend onderzoek naar hart regeneratie binnen onze faculteit Biomedical Engineering." Voor het project bouwt ze voort op resultaten uit andere onderzoeksprojecten waar de professor en haar collega’s aan meewerken.

Samenwerking

FIXIT wordt uitgevoerd door een interdisciplinair consortium van onderzoekers, onder leiding van dr. Jan Willem Buikema (Amsterdam UMC, hoofdaanvrager) en Leon de Windt (Maastricht University), in samenwerking met Maastricht UMC+, Leiden UMC (dr. Jesper Hjortnaes) en de TU/e. Vanuit de TU/e zijn naast Bouten ook Marjolein ten Dam (PhD) en Marina Cler (Postdoc) bij het project betrokken. In totaal ontvangt het consortium 1,5 miljoen euro van de Hartstichting waarvan ruim € 300.000 voor de TU/e. Het project zal in de zomer van 2026 van start gaan.

Maatschappelijke relevantie en impact

De Hartstichting stelt via deze open call 10,5 miljoen beschikbaar aan zeven onderzoeksprogramma’s om harten vaatziekten terug te dringen. Er waren in totaal 86 vooraanmeldingen, waarvan twintig voorstellen zijn uitgewerkt en ingediend. De aanvragen zijn in een uitgebreide selectieprocedure beoordeeld met specifiek aandacht hadden voor maatschappelijke relevantie en impact. Meer informatie is te vinden via de site van de Hartstichting.