Nieuwe rollen van overheid en burgers essentieel voor ’kwetsbare’ wijken

De interactie tussen overheden en burgers van gemarginaliseerde wijken vindt niet alleen plaats wanneer deze partijen samenwerken of wanneer er een conflict is, maar juist ook daar tussenin. Dat concludeert Simone van de Wetering in het proefschrift dat ze op maandag 3 juni verdedigt aan Tilburg University. In het ’tussenin’ zit ruimte om iets tot stand te brengen.

Steden over de hele wereld groeien - en stedelijke ongelijkheid ook. In reactie daarop starten veel overheden participatieve wijkaanpakken: beleid voor gemarginaliseerde wijken samen met bewoners. Bestuurssocioloog Simone van de Wetering onderzocht hoe de interactie tussen overheden en bewoners van deze wijken vorm krijgt binnen zulk beleid en wat dit, zowel theoretisch als praktisch, betekent voor de aanpak van stedelijke marginaliteit. Daarvoor gebruikte ze etnografische methoden, waarbij ze verhalen, ervaringen en praktijken van stedelijke professionals en buurtbewoners analyseerde in Tilburg en in de regio le-de-France in Frankijk.

Nieuwe rollen en relaties

Het onderzoek laat zien dat de interactie tussen de overheid en burgers verschillende vormen aanneemt, zowel in Nederland als in Frankrijk. Soms bewegen stedelijke professionals en bewoners langs elkaar heen, bijvoorbeeld wanneer participatieve idealen en ambities in de praktijk anders uitpakken: wanneer ’inclusie’ het streven is, maar sommige bewoners niet kunnen of willen meedoen. Soms botsen de partijen ook, bijvoorbeeld wanneer de informele, dagelijkse activiteiten van bewoners, zoals het hangen van jongeren op straat, niet passen in de voorgenomen vormen van burgerparticipatie, zoals een jongerenraad.

Maar overheid en bewoners vinden elkaar ook: in nieuwe rollen, op specifieke plekken in de wijk en in relaties ’tussenin’. Bijvoorbeeld in de buurtbewoner die ook voor de gemeente werkt, in relaties van ondersteuning en erkenning tussen professional en bewoner, en in een ’huis van de wijk’: een gebouw dat beschikbaar werd gesteld om buurtinitiatieven te ontwikkelen - met en door bewoners.

Paradox

Bovendien bleek bij al deze vormen van interactie een aan gemarginaliseerde buurten en bewoners toegeschreven ’kwetsbaarheid’ of ’anders-zijn’ een rol te spelen. In zowel Nederland als Frankrijk leidt dit tot wat Van de Wetering ’paradoxale participatieve praktijken’ noemt. Burgers worden daarin enerzijds gepositioneerd als ’actief’ en deskundig en anderzijds als kwetsbare burger die hulp nodig heeft. In Frankrijk is dit ’anders-zijn’, meer dan in Nederland, sterk verbonden met de stigmatisering van de Parijse voorsteden (de ’banlieues’).

Deze bevindingen illustreren volgens Van de Wetering dat de relatie tussen overheid en burgers in gemarginaliseerde wijken niet simpelweg een belofte van samenwerking inwilligt of puur problematische aspecten kent, maar zich daar ’tussenin’ bevindt. In dit ’tussenin’ kan de ’kwetsbaarheid’ van bewoners en buurten worden erkend n bevraagd. Daarmee kan het dienen als basis voor hoe de overheid en burgers kunnen samenwerken.

Van de Wetering: "Het is van belang participatie als ’het’ antwoord te bevragen, een reflexieve houding aan te nemen ten opzichte van ideen over ’actief burgerschap’ en ’kwetsbaarheid’, en aandacht te schenken aan de bestaande relaties ’tussenin’."

Promotie

Simone van de Wetering promoveert op 3 juni 2024 om 10.00 uur in de aula van Tilburg University. Titel proefschrift: Beyond promise or problem. How state and citizens interact in participatory governance for urban marginality. Promotores: M.L.P. Groenleer, W.G.J. Duyvendak, F. Hendriks. De promotie is ook te volgen via livestream.